Naar Arequipa

 2013 Perú, Reizen  Comments Off on Naar Arequipa
Oct 012013
 

Vanuit Nazca reisden we via Chala naar Camaná en de volgende dag door naar Arequipa, totaal ca. 580 kilometer en ca. 8,5 uur reizen.

Naar Chala reisden we in een colectivo (2,5 uur), omdat de eerstvolgende bus pas in de middag ging. In principe raadt de reisgids colectivo’s (vervoer in micro- of minibusjes) af, omdat er soms veel te hard gereden wordt om de concurrent te snel af te zijn, maar onze ervaring was goed. We aten vis met uitzicht op de Stille Oceaan, waar hoge golven op het strand breken met grote, witte schuimkoppen.

Naar Camaná reisden we in een dubbeldeks Marcopolo-bus (3,5 uur). We zaten boven en voorin, dus we hadden prachtig uitzicht op het mooie landschap. De weg is spectaculair, soms honderden meters boven de Stille Oceaan in enorme zandbergen (het woord duinen doet geen recht aan de grootte). Op wat lagere gedeeltes staan borden met ‘zona de arenamiento’ (arena = zand) en we zagen een zandschuiver bezig om de weg vrij te houden. Op andere trajecten staan er borden met ‘zona de derrumble’ en waren er wegwerkers bezig om de gevallen rotsen van de weg te ruimen. Een ander gevaar wordt aangegeven met het bord ‘zona de neblina’, vooral in de dalen kan er in sommige jaargetijden zeer dikke mist zijn.

Het was bewolkt weer, wat Camaná, anders een badplaats voor de Arequipeños, een wat sombere aanblik gaf. Helaas konden we geen laag gebouw vinden om te overnachten. We sliepen in het zeer eenvoudige en goedkope hostal Angel, waar we uiterst vriendelijk werden ontvangen. De kamer had zelfs geen stopcontact om onze telefoons op te laden. Niettemin was het beddegoed brandschoon.

De volgende dag reisden we met een ‘colectivo’ door naar Arequipe (ca. 3 uur), de stad die na ons vorige bezoek door een zware aardbeving werd getroffen. De stad ligt op 2335 meter boven zeeniveau, dus het is een goede plaats om aan de eerste hoogte te wennen. Onderweg zagen we al el Misti (5821 m), waarvan de top permanent bedekt is met sneeuw. We sliepen in hospedaje Inca Roots in een ruime kamer met rode vloerbedekking en geelgeverfde muren. De hospedaje is gevestigd in een koloniaal gebouw dat de aardbevingen goed overleefd lijkt te hebben. Op het dak is er een prachtig uitzicht op de stad met op de achtergrond de majestueuze el Misti. We zullen een aantal dagen in Arequipa blijven om de stad en zijn omgeving te verkennen.

Geen Nazca-lijnen

 2013 Perú, Reizen  Comments Off on Geen Nazca-lijnen
Oct 012013
 

Na een uitgebreid warm ontbijt reisden we weer met een bus van Flores naar Nasca, verder richting het zuiden (ca. 3 uur). Onderweg passeerden we het stadje Palpa, net als Nazca een groene oase in de woestijn langs de kust en niet zo ver van de Nazca-lijnen, waarvoor de meeste toeristen hier komen. Wij hebben echter al lang geleden over de lijnen gevlogen. We zijn op doorreis richting Arequipa en Cotahuasi. De laatste jaren zijn ook dodelijke ongelukken gebeurd met de kleine vliegtuigjes. We genoten van de prachtige landschappen, dorre woestijn, groene oases en de donkere, soms rode uitlopers van de Andes. Zoals gebruikelijk zijn er verkopers in de bus, dit keer met broodjes zurig ruikend vlees en nootjes (pinda’s, maïs, popcorn) in kleine langwerpige zakjes.

Na aankomst aten we heerlijk in een klein restaurantje nabij de stations van de busmaatschappijen. Het is naar ons idee altijd beter om met een volle maag een slaapplek te zoeken, omdat je dan betere beslissingen neemt. Na enig zoeken vonden we weer onderdak in een laag gebouw (hospedaje Cochera). We werden weer vriendelijk ontvangen. De kamer was ruim, licht en schoon. De helft van de muren was geel geverfd en de betonnen vloer was rood. We hadden een eigen warme douche en een wc zonder bril.

Nazca is prettiger dan het drukkere Ica. We slenterden over de markt en kregen gratis Chicha Morado (een drankje gemaakt van zwarte maïs, kaneel, kruidnagel, ananas, appel, citroen en bruine rietsuiker) van Jehovagetuigen.

We woonden een deel van de zondagavondmis bij om de sfeer te proeven. Aardig was dat de mis besloten werd met het omhelzen van de geliefden en het geven van een hand aan de mensen om je heen (ook aan ons). Daarna werd iedereen besprenkeld met wijwater uit een plastic flesje.

De volgende ochtend bezochten we te voet los Paredones, los Acueductos de Cantalloc en Las Agujas.

Los Paredones was een handelscentrum waar de Inca’s wol uit de bergen ruilden met katoen dat langs de kust werd (en wordt) verbouwd. De adobegebouwen zijn vervallen, maar hier en daar zie je nog de typische muren die door de Inca’s zo gestapeld zijn dat je er geen speld tussen krijgt. Ze overleven alle aardbevingen. Het ligt ongeveer een kilometer van het centrum langs de Pan-Américana.

Los Acueductos de Cantalloc (soms geschreven als Cantayoc) zijn ondergrondse kanalen die Nazca-water voor de landbouw brengen. Boven de grond zie je grote putten, waar je spiraalvormig naar beneden kunt lopen, totdat je onderin bij het kanaal bent. De meeste van de ongeveer twintig putten hebben vijf rondjes naar beneden. De kanalen liggen langs rio Tierras Blancas. Het is ongeveer twee kilometer lopen van Los Paredones. Onderweg beklom ik één van de bergen (ca. 800 meter), want de aanwijzingen voor de bezienswaardigheden waren vrij onduidelijk. Het uitzicht was mooi, maar het hielp niet om onze weg te vinden.

Dwars door de weilanden bereikten we na het oversteken van de Pan-Américana Las Agujas (naalden). Het is een uitkijkpunt over ‘geoglifes’, die naalden en textiel moeten voorstellen (zoals de Nazca-lijnen). De paden worden door witgeverfde stenen aangegeven en behalve een betonnen, onbemande, roodgele controlepost is er verder niets.

Omdat we al aardig door de zon waren geroosterd, hebben we teruggelift naar Nazca. Na wat eten en rusten bezochten we Museo Arqueológico Antonini, dat een verrassend goed museum bleek te zijn. Italianen hebben in de jaren ’80 op drie plaatsen opgravingen gedaan: Pueblo Viejo (zuidelijk van Ica), Cahuachi (westelijk van Nasca) en Huayuri (westelijk van Palpa). De vele dingen die gevonden werden (potten, sieraden, mummies, stenen panfluiten, etc.), worden in het private museum goed toegelicht tentoongesteld. We mochten tegen betaling van een klein bedragje fotograferen. Naar ons idee was dit museum zelfs mooier dan het museum in Ica.

Het museum van Ica

 2013 Perú, Reizen  Comments Off on Het museum van Ica
Sep 302013
 

Met een vroege (7:15) bus van de maatschappij Flores aan de overkant van het hostal reisden we in ca. anderhalf uur comfortabel naar Ica. Ook hier vonden we na enig zoeken weer onderdak in een laag gebouw, nabij de plaza de Armas. Het was een wat mooiere kamer dan de vorige keer, met een eigen badkamertje en warm water uit een elektrische douche (4400 Watt en veel te dunne draden!). Jammer genoeg liep het water de kamer in. De betonnen vloer was rood geverfd en redelijk schoon. Het dak was van bamboe. De ontvangst was vriendelijk. Er stond buiten alleen ‘hospedaje’ (onderdak).

Het is hier lekker weer, ca. 21 graden en zonnig. Bij aankomst was er nog mist, maar die werd snel verdreven door de zon; sneller dan in Pisco. Ica is een oase in de woestijn van de kust. Het water komt in de vorm van een rivier uit de Andes. De Inca’s hebben nog steeds functionerende aquaducten gebouwd om het land te irrigeren.

Het stadje is vol met kleine, gele, toeterende taxi’s en rode moto-taxi’s (tuk-tuks). Ook hier is een aantal kerken zwaar beschadigd door aardbevingen. Het ronde dak van één van de kerken is gemaakt van hout en bamboe. De constructie zelf is nauwelijks beschadigd, maar het pleisterwerk is eraf geschud. Er hangt een lint langs de straat van de kerk, want er kunnen nog steeds brokken naar beneden vallen.

We zijn hier voornamelijk voor Museo Regional Adolfo Bermúdez Jenkins, één van de beste archeologische musea in Perú. We lieten ons brengen met een rode moto-taxi voor een paar sol. Het mooist is de verzameling keramiek. Er zijn potten, vazen en bekers in veel verschillende vormen en kleuren, zoals in de vorm van een pompoen of in de vorm van een duif. Ze zijn vaak versierd met ingewikkelde patronen en/of figuren van dieren. Verder is er textiel uit de Inca-tijd, sommige kledingsstukken zijn met gele, blauwe, rode en zwarte veren bekleed, en een zaal vol met zittende mummies en schedels, sommige met een lang hoofd, dat met doeken en touwen werd gedwongen om zo te groeien. Het museum is prettig van omvang. Niet te klein zodat je snel bent uitgekeken en niet te groot zodat je het op een gegeven moment wel gehad hebt.

De zeehonden van Ballestas

 2013 Perú, Reizen  Comments Off on De zeehonden van Ballestas
Sep 272013
 

Met een taxi gingen we van het centrum van Lima naar de terminal van Perú/Soyuz bus. Helaas heeft elke maatschappij in Lima een eigen terminal, dus je moet je keuze voor de juiste maatschappij van tevoren maken (op basis van bestemming en luxe). Het was even spannend of de bus ging vertrekken, vanwege een staking en een wegblokkade tegen de hoge brandstofprijzen, maar na even wachten werd er gelukkig groen licht gegeven. De reis naar het busstation 5 km van Pisco, el Cruce, duurde ca. 3,5 uur. Met een kleine taxi lieten we ons naar het centrum brengen.

Hoewel we een broodje met kaas, koekjes en zoete koffie in de bus hadden gekregen, hadden we honger en daarom gingen we eerst wat eten. De gebakken vis met rijst en witte bonen smaakten goed. De ‘refresco’ was weer een graan/kruidendrankje (cebada), dat deze keer weer heel anders smaakte.

Er is net een vrij zware aardbeving tussen Ica en Arequipa geweest (7 op de schaal van Richter), slechts een paar honderd kilometer zuidelijk van Pisco. Een belangrijk criterium voor onze overnachtingsplek was de hoogte en stevigheid van het gebouw. De meestal hostals zijn echter hoog gebouwd. Gelukkig vonden we Hostal Ballestas, één blok van de plaza de Armas. De ontvangst was vriendelijk. De kamer was heel eenvoudig en goedkoop. De wc/douche was schuin tegenover de kamer. Er was alleen koud water.

In tegenstelling tot Lima is het hier ‘s middags zonnig. ‘s Ochtends is er mist, net als in Lima. De minimumtempperatuur is ongeveer 15 graden, de maximumtemperatuur ongeveer 21 graden.

Op de plaza de Armas aten we op een bankje een grote plak que-que en maakten we enkele foto’s van de oude kerk die zwaar beschadigd is door een aardbeving. Het duurde niet lang voor we op een nette manier werden aangesproken om een tour te doen naar de Ballestas eilanden en het natuurreservaat van Paracas. Dat kwam goed uit, want dat was onze wens.

‘s Ochtends stonden we vroeg op, want we werden om 7 uur bij onze hostal opgehaald. We reden met een grote auto naar Paracas om met de Orca II, een grote speedboot (ca. 40 mensen) naar de Ballestas eilanden te gaan. Al snel kwamen we een groepje speelse dolfijnen tegen. We vervolgden met een snelheid van ca. 45 km/uur de tocht naar de rotsige eilanden (ca. 20 minuten). We zagen heel veel vogels, waaronder aalscholvers, de humboldtgent, een arend en pinguïns en veel luie zeehonden van heel dichtbij. Op sommige plaatsen rook het sterk naar vogelpoep. De rotsen zijn mooi, er zijn veel spleten en doorkijkjes. De zee is hier soms vrij ruw, maar de kapitein zorgde er steeds voor dat we dichtbij de dieren kwamen.

Het is de week van de toeristen, dus we kregen toen we terugkwamen in Paracas gratis Pisco sour en een gratis warme maaltijd. Als toerist hoefden we niet achterin de lange rij aan te sluiten. Voor we vertrokken, was er een dansshow, die voor enige vertraging op het programma zorgde.

Later bezochten we het reservaat van Paracas met een minibusje. Het reservaat omvat een schiereiland, een groot stuk zee en de eilanden. De landschappen en de kustlijn zijn hier bijzonder mooi. Het zand is afwisselend geel, paars en grijs. Het mooist vond ik playa Rojo, waar de zee blauw is, de golven wit zijn, het strand rood is en de rotsen geel zijn. We hadden een pauze bij Lagunilla, een mooie baai vol met vissersbootjes, waar we onze meegebrachte, bruine (!) broodjes met kaas aten. Er zaten veel pelikanen, die niet erg schuw waren. We klommen naar boven en zagen beneden weer een groepje dolfijnen zwemmen.

In Pisco aten we ‘s avonds voor de afwisseling pizza. Ze hadden geen olijven voor de vegetarische pizza, dus hadden ze die maar vervangen door ham en salami, lekker handig …

Sep 252013
 

De vlucht van Amsterdam (12:30) naar Lima (17:45) met een Boeing 777-200ER van KLM duurde lang: 12 uur non-stop. Het cabinepersoneel was vriendelijk en ons vegetarische eten was beter dan gemiddeld. De stoelen zaten makkelijk en er was genoeg ruimte voor mijn benen.

Er waren lange rijen bij de Peruaanse douane, maar toch hoefden we niet heel lang te wachten. Omdat we langer dan de meeste toeristen blijven, vroegen we om een visa voor 45 dagen. De vriendelijke douanebeambte gaf ons zelfs een visum voor 90 dagen. “Ninguno problema”: geen enkel probleem.

Elk land heeft zijn eigen geuren en de geur van Lima herkende ik gelijk. De luchtvervuiling valt gelukkig mee. Lima heeft een eigenaardig klimaat. De meeste maanden van het jaar hangt er een mist over de stad, die de stad een wat sombere aanblik geeft. De temperatuur is hier vrij stabiel, zo’n 17 à 18 graden. ‘s Ochtends en ‘s avonds is het fris.

We werden zoals was afgesproken met een taxi naar hostal Roma in het oude centrum van Lima gebracht. Door het drukke verkeer een rit van zo’n 40 minuten. De kamer in een mooi koloniaal gebouw was eenvoudig (kast, bed, tafeltje, televisie, donkerbruine stenen vloer), maar netjes en schoon. Er was lekker warm water uit een boiler in een kleine douche. Ik controleer altijd of ze aan staan, anders heb je ‘s ochtends alsnog een koude verrassing. De wc was er zo één die eerst volloopt en dan doorloopt.

We aten om half negen ‘s avonds (half vier ‘s nachts Nederlandse tijd) bij een Chifa (Chinees) een paar blokken richting het centrale plein (plaza de Armas of plaza Mayor). Ik at rijst met geroerbakte groenten en gefrituurde vis en dronk thee anís. De chinezen zijn hier vrijwel altijd goed en vaak wat luxer dan de vele, kleine familierestaurantjes, waar je voor ongeveer anderhalve euro soep, eten van een vast menu en een zelfgemaakt (kruiden)drankje krijgt (cebada).

Uiteraard werden we door het tijdsverschil vroeg wakker, zes uur ‘s ochtends, rond het middaguur Nederlandse tijd, wat nog meevalt. We ontbeten in een cafeetje even verderop. Een warm broodje kaas, een gebakken ei en thee en koffie met que-que (cake), op de menukaart vermeld als keke, met de letter k die in het Spaans eigenlijk niet bestaat. De koffie smaakt uiteraard anders dan thuis en is heel herkenbaar als je hier al eens geweest bent.

We bezochten de gezellige Chinese marktbuurt en we slenterden door de opvallend schone straten. Lima voelt heel vertrouwd. Het Spaans gaat mij gemakkelijk af. Het is al mijn vierde reis naar dit op 20 na grootste land van de wereld, waar altijd wat nieuws te zien is en volgens velen de mooiste bergen van de wereld heeft.

We staken Rio Rimac over, waar werkzaamheden plaatsvinden om de rivier door tunnels te leiden. De rivier is verlegd naar een smal kanaal. De stroom van auto’s op de weg naast het kanaal lijkt groter te zijn dan de stroming van de rivier. We aten in distrito Rimac in een familierestaurantje.

We regelden mobiel internet bij Claro, wat eenvoudiger en sneller ging dan de vorige keer. Het is wel zaak om je van tevoren te laten informeren over de bundels en om de juiste toegangsgegevens (APN) bij je te hebben, want in de winkel kunnen ze je hier meestal niet mee helpen.

Naam: Claro
APN: claro.pe
Gebruikersnaam: claro
Wachtwoord: claro