Marcel

De geboorteplaats van Stalin en de oudste nederzetting van Georgië

 2018 Georgië, Reizen  Reacties uitgeschakeld voor De geboorteplaats van Stalin en de oudste nederzetting van Georgië
jun 092018
 

We kochten een vers gebakken, plat stokbrood bij het loket van een kleine, warme bakker twee straten verderop voor 70 tetri (=0,7 lari ~25 eurocent). We aten het stokbrood met de kaas die we nog hadden als ontbijt en zetten thee en koffie met heet water uit een grote fluitketel.

Met de vooraf gekochte Metromoney-kaart, een soort prepaid OV-chipkaart, betaalden we de metro naar het vijf stations verderop gelegen station Didube in de gelijknamige buitenwijk (0,5 lari = 17 eurocent). Bij het beginstation bracht een hele lange roltrap ons in sneltreinvaart naar beneden. Bij het eindstation stapten we bovengronds uit. Het oude metrosysteem werd door de Russen aangelegd. Er zijn maar twee lijnen, wat logisch is, want Tbilisi ligt aan de twee oevers van een grote rivier.

We liepen langs de markt op zoek naar een marshrutka naar het stadje Gori. Veel taxichauffeurs boden hun diensten aan, waarvoor we geduldig bedankten. Helemaal aan het eind vonden we het busje dat we zochten. We hoefden niet lang te wachten op het vertrek, want het busje was al bijna vol. Een baby’tje ging slapend van hand naar hand naar achteren. Ik sprak met een jongeman naast mij, Georgi, die met vrienden en vriendinnen op reis was in zijn eigen land. Hij had twee gebroken vingers en sprak een beetje Engels. Toen we uitstapten kregen we van hem lobiani (brood gevuld met gekruide bruine bonen) uit een grote mand, die zijn vriendin had gemaakt. We reisden over een goede snelweg in ongeveer een uur naar onze bestemming. Onderweg was er een mooi uitzicht op de hoge Kaukasus bergen en de vruchtbare vallei ervoor. Dit gebied, Zuid-Ossetië, is bezet door Rusland en niet toegankelijk voor ons. Als je vanuit Rusland door dit gebied naar Georgië reist, kun je vijf jaar gevangenisstraf krijgen.

Het eerste guesthouse dat we bezochten was erg rommelig en beviel ons niet. Het tweede guesthouse, Marine, was daarentegen netjes en schoon en ook beter gelegen en beviel ons wel goed. Het guesthouse is gevestigd in een mooi, oud pand met ruime kamers met houten parketvloeren. Er werd ons door de wat Engels sprekende dochter uitgelegd hoe we het warme water voor de douche aan konden zetten. De kamer op de tweede verdieping had een balkon met een aardig uitzicht. Het beddengoed had een batik motief. In de kamer stonden een paar kasten met spullen en boeken. Het WiFi-netwerk van het guesthouse werkte goed, maar was langzaam.

We bezochten het Joseph Vissarionovich Jughashvili museum, ofwel het Stalin museum. Joseph Stalin werd 21 december 1878 geboren in Gori. Voor het museum staat zijn geboortehuis, overdekt met een dak op Dorische zuilen, een vreemd gezicht. In het museum, vol met foto’s, manuscripten, schilderijen, etc en aan het eind de vele buitenlandse staatsgeschenken die Stalin ontving, wordt Stalin verheerlijkt. Over de vele miljoen mensen, die tijdens zijn totalitaire schrikbewind gewelddadig of door honger stierven, wordt met geen woord gesproken. Het museum is gevestigd in een mooi gebouw, dat op zich al een bezoek waard is.

In de namiddag, na de ergste warmte, bezochten we het vervallen kasteel, dat vanaf een heuvel uitkijkt over de stad en zijn omgeving. Er is niet veel meer van over. Binnen de resten van de muren was er een wild grasveld dat geurig rook. In het midden was er een brede, diepe put. Aan de voet van de heuvel staan grote beelden van krijgers met zwaarden. Wat ze voorstellen was niet duidelijk.

We aten in een restaurantje, waar een gedeelte van de tafels werd afgescheiden door schermen. Wij kozen voor een tafel zonder schermen bij een raam. We bestelden Georgische salade (komkommer, tomaat, ui en fijngehakte peterselie), champignons met boter uit de oven en katchapuri (ziet er uit als pizza, voelt aan als cake en smaakt een beetje naar pannekoek). We deelden een licht biertje, Hertzog, van de tap. Alles was heel lekker en zeer betaalbaar.

De volgende dag ontbeten we simpel: koffie en beiden de helft van een stuk van een lekkere, niet zo zoete pruimentaart. Behalve de langconserven jam is gelukkig niets hier heel zoet, zelfs niet de koffie met suiker die ik per ongeluk uit een automaat kocht. We zaten op plastic rode stoelen bij het winkeltje aan de straat. We moesten oppassen voor de kleine spettertjes hars uit de naaldbomen die er stonden.

We liepen naar het busstation, niet meer dan een grote parkeerplaats, en zochten naar een marshrutka naar het dorpje Kvakhvreli ongeveer 10 kilometer stroomafwaarts langs de rivier. Binnen een uur werden we aan de rand van het dorpje bij de brug naar Uplistsikhe, de oudste nederzetting van Georgië, afgezet. We sloten ons aan bij een groepje van vier andere backpackers uit dezelfde marshrutka, waaronder de extraverte Charlie die al acht maanden in Georgië was en tours wil gaan organiseren. Verder was er een Oostenrijkse man, Günter, een blonde Russische jongen en een Chinese jongen die weinig Engels sprak. We bezochten eerst een heel klein kerkje en daarna een kloof met grotten die andere toeristen links laten liggen en dat juist daarom leuk was. We zagen in het gras een dunne, groenige slang en in de lucht een hop. De Russische jongen had weinig geld en wilde daarom gratis de rotswoningen bezoeken. Hij ging aan wat oudere, Russisch sprekende Georgiërs vragen of dat kon en kwam bijna triomfantelijk terug, omdat hij te weten was gekomen hoe we via een alternatief pad gratis naar binnen konden. Even later klommen we over een laag hek en liepen we op een alternatieve manier, je zou kunnen zeggen via de achterdeur, naar boven. We zagen diverse wat grotere hagedissen op de warme rotsen. Alles ging gelukkig op een rustig tempo, zodat we goed om ons heen konden kijken en van de prachtige omgeving en het uitzicht konden genieten. Aan het eind, waar de meeste mensen beginnen en eindigen, bekeken we de vele grotwoningen. Het was inmiddels al behoorlijk druk geworden, vooral met Georgische toeristen. We gingen door de ‘geheime’ tunnel, die voor bevoorrading van de rotsstad werd gebruikt, terug naar beneden. We liepen terug richting de brug en onderweg konden we al in een marshrutka terug naar Gori stappen, die ik voor iedereen betaalde, voornamelijk om de Russische jongen wat te helpen. De anderen gingen nog naar het Stalin museum en daarna terug naar Tbilisi, dus namen we afscheid.

We aten pas halverwege de middag, weer in hetzelfde beproefde restaurantje. Daarna liepen we naar het treinstation om te kijken wanneer de treinen vertrekken. De Russische jongen, die we eerder ontmoetten, was er heel toevallig ook voor de middagtrein naar Borjomi, eveneens onze volgende bestemming, maar dan de volgende ochtend. Hij hielp ons om de juiste informatie te krijgen.

’s Avonds aten we alleen wat yoghurt met lekkere acaciahoning, omdat we ’s middags laat aten.

Gori is een rustig stadje, een groot verschil met het vooral in de hoofdstraten lawaaiige Tbilisi. Er staan grove, onafgewerkte Russische gebouwen met zinken daken en stenen schoorstenen. De bakstenen zijn vaak niet afgevoegd en het betonijzer van de fundering ligt soms bloot, wat het een apart aanzien geeft. De huizen en flats zijn duidelijk gebouwd met het oog op kwantiteit, niet met het oog op kwaliteit.

Het was 27 graden, zonnig, met een aangename bries. We hoorden onweer in de verte toen we in Uplistsikhe waren, maar gelukkig bleef het droog.

Stalin's geboorteplaats Gori · 101 nieuwe foto's toegevoegd aan gedeeld album
Stalin’s geboorteplaats Gori · 101 nieuwe foto’s toegevoegd aan gedeeld album
Upliskhe, nabij Gori · 57 nieuwe foto's toegevoegd aan gedeeld album
Upliskhe, nabij Gori · 57 nieuwe foto’s toegevoegd aan gedeeld album

Naar de tandarts in Tbilisi

 2018 Georgië, Reizen  Reacties uitgeschakeld voor Naar de tandarts in Tbilisi
jun 082018
 

’s Nachts was het gaan regenen en ik werd wakker van het getik van de regendruppels. Na nog een paar keer ingeslapen te zijn, werd ik weer wakker van de wekker om zeven uur. Na het douchen aten we zoals afgesproken om acht uur het ontbijt dat oma Lia voor ons had klaargemaakt. Er waren warme, opgerolde pannenkoekjes gevuld met vlees (blinchiki) en een soort wentelteefjes, die ik met verse aardbeienjam en het zilveren bestek at. We kregen weer wijn aangeboden, maar we hielden het maar bij wat koffie.

We pakten onze spullen en namen hartelijk afscheid en liepen met onze paraplu’s door de regen over de straten, waarover het water naar beneden golfde, naar het nieuwe busstation. We konden gelijk in een marshrutka naar Tbilisi stappen, die meteen vertrok. Ik kreeg een plens water van een tegenligger over mij heen door het raam van de chauffeur, dat na de tweede keer gelukkig dicht ging. Het eerste uur reden we helemaal in de verkeerde richting, terug zoals we gekomen waren, naar een lage bergpas in het smalste gedeelte van de bergen. Het laatste gedeelte ging door lage bergen en een grote vallei met aan het eind een lichte afdaling naar Tbilisi. Hier en daar was er een ja-knikker om olie mee te winnen. Georgië heeft echter geen grote olievoorraden, maar er lopen wel een aantal belangrijke oliepijpleidingen door het land. We werden bij de brug nabij het Vrijheidsplein afgezet, wat ons een busrit en wat tijd en gedoe bespaarde. Onderweg werd het langzaam droog. Bij elkaar waren we maar tweeëneenhalf uur van deur tot deur onderweg.

Onderweg boekte ik een kamer bij Fifth element, dat een goede keus bleek te zijn. Alles was splinternieuw en brandschoon. Heel fijn was dat er een wasmachine was, waar we dankbaar gebruik van maakten om o.a. de koeienpoep van Udapno van onze broekspijpen te wassen. Dit was de eerste keer dat we tijdens een reis gebruik maakten van een wasmachine. Op reis was ik altijd met de hand met gewone zeep, want dat maakt prima schoon en is gemakkelijk uit te spoelen. De volgende ochtend was alle wasgoed, dat we op hangertjes in een kast hadden gehangen, netjes droog.

Het sanitair in hostels en guesthouses is in Georgië van goede kwaliteit en het warme water werkte altijd goed. Het sanitair in openbare gelegenheden was wisselend, meestal heel schoon, maar soms ook heel vies. Hurkenschijters zijn gebruikelijk, maar in de guesthouses en luxere gelegenheden zijn er vaak Europese wc’s.

We aten in een goed restaurant een paar straten verder en toen we terug kwamen was de was klaar en was het al tijd om naar de tandarts te gaan. De tandarts (Tea Tsinkverashvili) liet door een meisje een röntgenfoto maken om te kijken hoe diep de vulling van de kies zat, waar een stukje vanaf gebroken was. Dit werd uit de hand met een soort groot fototoestel gedaan, waarschijnlijk van lood, waar maar een klein fotootje uitkwam. De amalgaamvulling zat vrij diep en er was een risico op een wortelkanaalbehandeling, daarom besloot Hanneke in overleg om alleen de scherpe kantjes van de blootliggende vulling af te halen. De röntgenfoto kreeg ze in een klein hoesje mee. Om van de schrik te bekomen, gingen we wat bij Wendy’s nabij het Rozenrevolutieplein drinken. Ik een Turkse koffie en Hanneke een Iced Americano. Wij vonden het een prettige plek om even rustig te zitten.

Het restaurant dat we eerder bezochten, smaakte naar meer. De menukaart zag er dan ook heel appetijtelijk uit en er was veel keus uit originele Georgische gerechten. Na bijna een week hadden we wel een idee wat wat was. ’s Avonds aten en dronken we dus nog een keer in hetzelfde restaurant. De witte wijn was weer heel lekker: weinig alcohol en veel druivensmaak. Georgië kent meer dan 500 verschillende druiven. Gek genoeg waren er beide keren geen toeristen in het restaurant, ondanks dat het in het centrum, hoewel in een zijstraat, ligt.

Handig zijn de ondergrondse passages om veilig naar de overkant van een drukke straat te gaan. In de passages zitten meestal kleine winkeltjes die etenswaren, telefoonaccessoires en dergelijke verkopen. Aan het begin en eind zitten vaak bedelaars, meestal oudere mensen. Soms werden we meerdere keren door dezelfde bedelaar aangesproken, omdat ze zich niet herinnerden dat dat al eens eerder gebeurde.

De Georgische taal blijft merkwaardig, zowel het schrift, dat volgens sommige op de vormen van wijnranken lijkt, als de uitspraak. Vele medeklinkers achter elkaar in een woord is niet ongebruikelijk. Hanneke heeft ondertussen al aardig wat woordjes geleerd. De mensen stellen dat zichtbaar op prijs.

We ruiken regelmatig lindebloesem en zien regelmatig de vruchten van de moerbei op straat liggen.

Zowel ’s ochtends als ’s avonds konden we in een T-shirt naar buiten. Midden op de dag was het warm, tegen de 30 graden. Het was de hele dag overwegend zonnig en droog.

De WiFi-verbinding in de hostel werkte goed, behalve de ochtend van vertrek toen we geen verbinding meer konden krijgen.

We vullen onze literflessen in een flessendrager steeds bij met drie liter waterflessen om minder plastic te gebruiken.

Tbilisi tandarts · 12 nieuwe foto's toegevoegd aan gedeeld album
Tbilisi tandarts · 12 nieuwe foto’s toegevoegd aan gedeeld album

Provinciaal Telavi

 2018 Georgië, Algemeen, Reizen  Reacties uitgeschakeld voor Provinciaal Telavi
jun 082018
 

We werden langzaam wakker van het vroege ochtendlicht. We pakten onze spullen in en liepen naar het kleine busstation achter het politiebureau. We waren ruim op tijd voor de enige dagelijkse directe marshrutka, weer een oud Ford transit busje, naar de grootste stad van de streek: Telavi (tijd heen: 9:20, tijd terug 15:00). Na het regelen van het transport kochten we in een supermarktje, dat ook dienstdeed als bakkerij, vers gebakken brood en kaas als ontbijt, dat we bij het busje aten. We sloegen bewust het ontbijt van het hostel over om te voorkomen dat we teveel zouden eten. De porties zijn hier vaak groot en erger: heel lekker. Veel Georgiërs zijn aan de dikke kant, omdat ze nog de eetgewoonten van een actieve agrariër hebben, terwijl ze nu een passief stadsleven leiden. De wat oudere chauffeur maakte niet veel vaart, een heel verschil met de dollemansrit van de dag ervoor. Oude, langzaam rijdende Lada’s werden nog wel ingehaald. Hier en daar stapten mensen in een uit. Je moet betalen bij het uitstappen, hoewel wij vooraf handgeschreven (!) kaartjes kochten om zeker te zijn van een plekje, dat we markeerden door onze waterflessen op de gewenste stoelen neer te leggen. De muziek was aangenaam, de uitlaatgassen die af en toe in het oude busje waaide waren minder aangenaam. De geasfalteerde weg van redelijke kwaliteit ging door de uitlopers van de bergen door diverse dorpjes. Langs de weg werd overal groenten en fruit verkocht, onder andere grote, rode tomaten en gele pruimen. In totaal duurde de reis ruim twee uur. We werden bij het oude busstation nabij de markt afgezet (er zijn in Telavi drie busstations, die gelukkig dicht bij elkaar liggen).

We dronken eerst koffie en we aten allebei de helft van een heerlijk, niet te zoet walnotengebakje. Oploskoffie is hier de norm en we moesten zoeken naar echt gezette koffie. We vonden vers gezette LavAzza koffie in een restaurantje, waar we later ook heerlijke lokale hapjes aten. Hanneke mocht bij uitzondering de WC van het personeel gebruiken.

We liepen rond de muren van het grote fort van de geliefde koning Heraclius II naar beneden, eigenlijk de enige bezienswaardigheid als je de christelijk orthodoxe kerken niet meetelt. Overigens waren deze kerken waarschijnlijk de eerste christelijke kerken in Europa, ervan uitgaande dat Georgië Europees is.

Wij vonden het vooral leuk om de sfeer van het provinciestadje te proeven. Op de markt zagen we naast verse groenten en fruit vooral praktische dingen zoals hoefijzers en -nagels, pannen en andere huishoudelijke artikelen. In het oog sprongen biefstukchampignons (oesterzwammen) en gepickelde groenten, zoals gepickelde lindebloesem (heel lekker!) en gepickelde hele tomaat. We mochten diverse soorten Tsjoertsjchela en Tklapi proeven. Tsjoertsjchela zijn walnoten aan een touwtje met gedroogd en gebonden sap, bijvoorbeeld van granaatappels. Tklapi is zongedroogd fruitsap in de vorm van vellen. In eerste instantie denk je niet dat het eetbaar is. Er was vers gemalen, heerlijk geurende koffie was te koop op de markt en in kleine winkeltjes. In een enkele winkel was er witgoed te koop.

Door het midden van de stad loopt een rivier in een grote betonnen bak naar beneden. Toen wij er waren, was er maar een klein stroompje, dat ’s ochtends wel wat toegenomen was door de regen, maar aan het formaat van de bak te zien, is dat soms nog wel eens heftiger.

’s Avonds aten we in het ruime en schone restaurant Dzveli Galavani, waar de ober zijn best deed om met Google translate uitleg te geven bij de menukaart. Ik at Khatchapuri Mingrelian (een soort pannenkoek gevuld met kaas) en Hanneke at gebakken forel waarvan het oogje afgedekt was met een halve olijf. We dronken Kazbegi, een licht Georgisch biertje uit een halve liter glas waarvan je het handvat met je hele hand kon pakken. Aan de citroengele muren hingen oude zwart-wit foto’s van de stad. Er stond een oude Russische radio met lange-, midden- en kortegolf banden en een ingebouwde platenspeler, waar de ober een langspeelplaat van Vladimir Vysotsky op legde toen ik ernaar ging kijken. Later werd er een oude plaat met onder andere een instrumentale versie van Let it be van de Beatles gedraaid.

We sliepen in hostel Heart of Telavi in een rustige zijstraat, waar we ontvangen werden door een oudere, wat kortademige vrouw met de naam Lia. Ze sprak een beetje Duits. We hielpen haar met het opmaken van het bed. De deuren, ook de buitendeur, zijn altijd open en Lia is altijd aanwezig. De kamer was bijzonder ruim. Op de houten vloer lagen grote oosterse tapijten. De hoge ramen hadden uitzicht op de grote Kaukasus bergen. Er was een grote kast met persoonlijke spullen aan één wand en een kleiner kastje aan een andere wand. Op reis gebruiken we overigens nooit een kast om te voorkomen dat we wat vergeten. ’s Avonds kregen we nog wijn, thee en wat van de ’s middags gemaakte aardbeienjam. Wij deelden de Tklapi met haar.

Er brak een stukje van een kies van Hanneke, dus we maakten een afspraak bij een goed bekend staande, Engels sprekende tandarts in Tbilisi voor de volgende middag. Sommige mensen komen hier om goedkoop kronen te laten zetten.

Het was zonnig en later op de middag bewolkt. Het werd 30 graden en omdat de stad aan de rand van een grote vallei ligt, was het wat benauwd door de wat vochtige lucht. ’s Ochtends regende het pijpestelen.

De toeristen die we tot nu toe tegenkwamen waren vaak Pools. Ze kunnen hier waarschijnlijk makkelijk communiceren in het Russisch en Georgië is voor hun waarschijnlijk ook goed betaalbaar.

Het Georgische valutasymbool lijkt een beetje op een gedraaid euroteken: ₾

Telavi, Kakheti · 81 nieuwe foto's · Album van Marcel Bokhorst
Telavi, Kakheti · 81 nieuwe foto’s · Album van Marcel Bokhorst

De stadswallen van Sighnaghi

 2018 Georgië, Reizen  Reacties uitgeschakeld voor De stadswallen van Sighnaghi
jun 072018
 

We stonden vroeg op en ontbeten om zeven uur. Net zoals de vorige dag werd de belofte om het transport te regelen niet nagekomen. Geen nood, we vroegen aan iemand die wat Engels sprak hoe we het beste verder konden reizen en dat was “gewoon” door te liften. We liepen naar de plek waar de weg het dorp binnenkomt en hadden binnen vijf minuten een lift in de laadbak van een kleine vrachtauto naar het plaatsje Sagarejo. We hadden een geweldig uitzicht op de valleien en bergen met besneeuwde toppen. De auto reed flink door waar de weg goed genoeg was, dus onze haren wapperden en onze wangen flapperden soms in de wind. Buiten ruik je beter de omgeving, zoals het moeras, de koeien en bloeiende bloesem die we passeerden. Minder plezierig zijn het zand en de insecten, dus het is beter om achter je in plaats van voor je te kijken. Ruim een half uur later werden we afgezet bij de snelweg aan de rand van het stadje. Hanneke kamde de klitten uit haar haren bij een supermarkt aan de overkant van de weg. Een vriendelijke, wat oudere, netjes geklede dame hielp ons om de juiste marshrutka (minibusje voor 15-40 personen) richting het plaatsje Tsnori te nemen. We stapten uit bij de eerste afslag naar Sighnaghi, waar een oudere, keurig geklede heer ons hielp om de juiste marshrutka naar Sighnaghi, onze eindbestemming, te nemen. De eerste rit was een beetje een dollemansrit, want er werd regelmatig 130 km/u gereden en ingehaald. De tweede rit (ca. 15 km) was een stuk rustiger over een provinciale, bochtige weg omhoog.

Ter oriëntatie liepen we wat rond in het wat toeristische dorpje, strategisch gelegen op een bergtop (dus veel hoogteverschillen). De huizen hebben rode, terracotta dakpannen, waardoor het stadje een Europees aanzicht heeft. Daarna aten we in een restaurantje vers gesneden en gebakken patat en Lobio (bruine bonen met kruiden uit een aardewerken potje).

We overnachtten in het eenvoudige hostel Temuka, waar we vriendelijk ontvangen werden door de beheerster Nellie. We kregen bij aankomst lekkere Turkse koffie, zelfgemaakte koeken, heerlijke witte wijn en zoete, groene pruimen. Het terras voor onze kamer had een prachtig uitzicht op de grote Kaukasus bergen (hier ruim 3000 meter hoog), die grenzen aan Rusland en Azerbeidzjan en de grote, vruchtbare vallei ervoor. De hoge toppen zijn besneeuwd en hebben ‘toefjes’ wolken. De hemel is verder strak blauw. In de zon is het warm, tegen de 30 graden, maar het is hier niet zo benauwd warm als in Nederland, omdat het hier minder vochtig is.

Later op de dag, na de ergste hitte, bezochten we de lange stadswallen en -poorten. Dit is de belangrijkste attractie van het dorpje naast het weidse uitzicht en een archeologisch en historisch museum, dat we niet bezochten.

We aten aubergine met walnoot (een heel lekker koud gerecht) en Lobiani (een warm gerecht van vers brood gevuld met hartig gekruide bonen) en dronken samen één Georgisch biertje (een fles is een halve liter).

Deze streek, Kakheti, is bekend om zijn wijnproductie. Op straat worden overal hergebruikte plastic limonadeflessen met wijn verkocht. Ook kun je kleurige, gevilte pantoffels en mutsen, zelf gebreide sokkenen en truien en diverse andere souvenirs kopen.

De mensen hebben hier beschikking over gas dat door roestige, oude, bovengrondse pijpen stroomt. De gasmeters zitten buiten en zijn verzegeld met een ouderwets loodje, zoals we die in Nederland ook kennen.

Deze dag waren we samen minder dan 30 euro kwijt voor transport, eten, overnachting, etc.

Het WiFi-netwerk in het hostel werkte goed, behalve de ochtend van vertrek (wel verbinding, geen internet). Onderweg naar en in het dorp was er steeds een goede 4G (LTE) internetverbinding.

Sighnaghi, Kakheti · 64 nieuwe foto's toegevoegd aan gedeeld album
Sighnaghi, Kakheti · 64 nieuwe foto’s toegevoegd aan gedeeld album

Het David Gareja klooster

 2018 Georgië, Reizen  Reacties uitgeschakeld voor Het David Gareja klooster
jun 062018
 

Om één of andere reden was de metro van Tbilisi buiten dienst, dus gingen we met marshrutka (minibusje) nummer 170 naar het in een buitenwijk gelegen metrostation Samgori.

Het was even zoeken naar de vertrekplaats van de marshrutka naar het afgelegen dorpje Udabno (“woestijn”), die maar vier dagen per week heen en weer rijdt. De dagen heen (maandagmiddag) en terug (woensdagochtend) kwamen voor ons goed uit. We aten wat in een klein restaurantje, waar door een aardige dame goed voor ons gezorgd werd. Ik kocht op het busstation een grote fles van zes liter bronwater en een petje met een Skoda-embleem tegen de felle zon.

De marshrutka vertrok keurig op tijd om vier uur ’s middags. Het eerste stuk was snelweg, waarna er naar het zuiden richting de grens van Azerbeidzjan werd afgebogen. Eerst reden we door een vallei, daarna was het heuvelachtig, later werd het meer bergachtig. Het busje volgde aan het eind de top van een bergkam een daalde daarna naar het dorpje af. De weg was niet al te best meer.

Volgens de reisgids uit 2016 was er maar één overnachtingsplek in het dorp, maar volgens booking.com waren er inmiddels een stuk of acht andere hostels/guesthouses, met min of meer dezelfde, gekopieerde beschrijving (zoveel kilometers van de luchthaven, alsof dat voor zo’n dorpje relevant is). Ik koos hostel Savane aan de rand van het dorp uit. We werden ontvangen door een oudere vrouw, Tina, en haar man Kitesa. Met Google translate maakten we duidelijk wat we wilden: een kamer, ontbijt en vegetarisch avondeten. De kamer en de bedden waren prima en het avondeten bestond uit natuurlijke producten uit de omgeving: heerlijke, gebakken aardappelen, smaakvolle tomaat en komkommer, en typische Georgische gerechten, zoals met kaas gevuld warm brood. De wijn was uitzonderlijk lekker. Er wordt gezegd dat de beste wijnen van de wereld uit Georgië komen en dat geloven we graag.

We liepen het kleine dorp rond. De kippen, varkens, geiten, koeien, paarden en honden liepen overal los rond. We zagen kinderen spelen en fietsen. Er waren heel veel vogels, o.a. een soort roze spreeuw, mussen en zwaluwen. Verder zagen we diverse soorten vlinders fladderen.

Het ontbijt de volgende dag was ook verrassend, met o.a. Kaklis muraba, gepickelde walnoten.

We liftten naar het klooster van David Gareja dat zich op zo’n 15 kilometer van het dorp bevindt, te ver om heen en weer te lopen. Zowel heen als terug liepen we eerst een stuk en genoten we van de prachtige omgeving en het mooie weer, dat soms wel wat warm en broeierig was. Gelukkig was het meest half bewolkt, zodat we niet voortdurend in de brandende zon hoefden te lopen. Op de heenweg stopte een Poolse toerbus voor ons (bedankt, Jack!) en op de terugweg een Koreaans stel met een gehuurde auto. We bekeken het klooster en de omgeving van het klooster, maar besloten om niet naar boven te klauteren want het pad was behoorlijk steil en glad (los zand op een harde en vlakke ondergrond). De omgeving was redelijk groen, hoewel het een woestijnachtig gebied is.

Er is een conflict over of het klooster op Georgische of Azerbeidzjaanse grond staat. Gelukkig is het een diplomatiek conflict en geen gewapend conflict. Er waren wel diverse wachters van beide landen op de bergkammen aanwezig.

Het avondeten was de tweede avond uitgebreider, omdat Tina wat meer tijd had om voor te bereiden. De eerste dag kwamen we ook zomaar binnenvallen. Tijdens het eten was er onweer in de verte met een paar flitsen. Het waaide meer dan het regende.

Het is duidelijk te zien dat het toerisme hier zich in sneltreinvaart aan het ontwikkelen is. Ook in “ons” hostel werd er een kamer bijgebouwd. Mocht je plannen hebben om naar Georgië te gaan: wacht niet te lang!

Er was een stabiele en snelle 4G internetverbinding, zelfs onderweg naar en bij het klooster. Hoog op een berg staan twee grote zendmasten, die in de wijde omgeving zichbaar zijn. In het hostel hadden we een goede WiFi-verbinding om foto’s te uploaden.

De spanning van het elektriciteitsnet varieert. Soms branden de lampen fel en soms zwak. In de kabel van de koelkast zit een apparaat om spanningspieken te voorkomen. In het “centrum” van het dorp staat open en bloot een grote, brommende transformator.

De aanwezigheid van internet heeft ongetwijfeld een grote invloed op het leven van de dorpsbewoners, net als electriciteit dat had. Particulieren kunnen nu bijvoorbeeld kamers via booking.com verhuren.

De benzine kost maar zo’n 70 eurocent (2,10 lari) per liter.

Udabno, David Gareja klooster · 82 nieuwe foto's toegevoegd aan gedeeld album
Udabno, David Gareja klooster · 82 nieuwe foto’s toegevoegd aan gedeeld album