jun 152018
 

We moesten ruim een uur wachten op het vertrek van een marshrutka naar Khulo, een daba (stadachtige plaats), in Adjara (Adzjarië). Het voordeel was dat we niet achterin hoefden te zitten. Hanneke’s rugzakje stond eerst naast de oesterzwammen achterin, maar later verplaatste ik hem naar het gestoffeerde gangpad. Later moesten we onze rugzakjes op schoot nemen om plaats te maken voor mensen die een kortere of zelfs langere afstand staand aflegden. De ruim 80 kilometer lange reis door beboste bergen en langs de rivier Adjaris-Tskali duurde ongeveer tweeëneenhalf uur. De provinciale weg was van redelijk goede kwaliteit met hier en daar een slecht stukje en hier en daar wegwerkzaamheden. Aan het begin was er een stuwmeer, waar de boomtoppen nog boven het water uitstaken. Aan het eind ging de weg met bochten steil omhoog. De chauffeur belde onderweg meerdere malen, iets wat hier normaal is.

We hadden een heerlijke lunch met ostri (boekweit, koriander, cayennepeper, ui en vlees), aardappelpuree, twee soorten salades met een bakje dressing, in een ijzeren pan gebakken omelet en vers, cake-achtig brood. We konden in de keuken aanwijzen wat we wilden. De twee moeke’s van restaurant Jaba waren heel vriendelijk en konden heel goed koken!

We zochten naar guesthouse ‘Armazi’, maar we konden het niet op de aangegeven locatie vinden. De vele hoogteverschillen in de daba en de dan nog brandende zon nodigden bepaald niet uit om willekeurig rond te lopen. Het hotel bij het busstation, waar de meeste reizigers overnachten, vroeg een veel te hoge prijs voor een klein, ongezellig kamertje. Ik besloot om het guesthouse op te bellen, maar de eigenaar sprak geen woord Engels en hing op. We lieten de mensen om ons heen het plaatje van het guesthouse zien, maar niemand wist waar het was. Op een gegeven moment waren er een stuk of acht mensen bezig om ons te helpen. Ik belde het guesthouse nog een keer op en gaf de telefoon over aan iemand dichtbij. Ditmaal met succes. Een man met een auto bood ons aan om ons te brengen. Een andere man maakte van de gelegenheid gebruik en reed gelijk mee. Hij bracht ons een paar kilometer verder naar een hoger (ca. 1100 meter) en landelijk gelegen huis, eigenlijk in het dorpje Dekanashvilebi.

Een ietwat zenuwachtige man ontving ons met zijn zoon, die Armazi heette. Later bleek dat onze boeking hun tweede elektronische boeking was. Een oudere vrouw met een hoofddoek, waarschijnlijk een moslima, kwam ons begroeten. Hanneke kreeg een hand en ik een knikje. We kregen al snel koffie, thee, water, watermeloen, gele meloen, perzik in suikerwater, zelf gebakken koekjes en luxe chocolaatjes. De prijs zou halfpension zijn, maar daar was de prijs duidelijk te laag voor. Met Google translate stelde ik de man wat gerust en spraken we een prijs inclusief maaltijden af. De keurige kamer op de bovenverdieping aan een groot overdekt terras, waar we lekker konden zitten, had lila muren, een zandkleurige deur en een gladde, rood-bruin geverfde, houten vloer. De bedden waren comfortabel met dikke dekens in een hoes. In de gang lag een mooi wollen kleed, naast een luik dat in plaats van de buitentrap werd gebruikt als het buiten regende. De wc, buitenom via het terras, was gedeeld, maar er was niemand om mee te delen (dat klinkt raar, hè!).

Na aankomst ging het al snel regenen en onweren. Het zicht nam sterk af doordat wolken de bergen in dreven. Ik heb nog nooit eerder een grote wolk in sneltreinvaart uit een dal omhoog zien komen. Na een minuut of tien konden we de bergen aan de overkant niet meer zien. De temperatuur daalde een paar graden en we moesten al gauw iets warmers aantrekken. De vele vogels bleven gewoon fluiten. ’s Ochtends werden we met de zon in de kamer wakker.

’s Avonds kregen we in een grote voorkamer op de benedenverdieping, waar de familie met oma en een oom en tante leeft, het vers bereide eten opgediend. Gelukkig was de Ramadan al een paar dagen voorbij. Er waren twee soorten salades, gebakken ei, patat, sterke kaas uit de streek, zelfgemaakte halva, zelfgemaakte baklava en thee, die werd gezet door geconcentreerde thee in heet water te gieten. De dochter, Marika, sprak goed Engels en vertaalde geduldig heen en weer. Ze vroegen of we kinderen hadden, hoeveel je in Nederland verdiend, etc. Ik hielp ze met booking.com om de locatie te corrigeren en halfpension in alleen ontbijt te veranderen. Vanwege de verkeerde locatie hadden ze al een niet zo goede beoordeling bij de eerste boeking gekregen.

Een reden om deze route te kiezen was om een wat authentieker Georgië te zien en dat is precies wat we kregen!

In de regio wonen ongeveer 30.000 mensen, maar in het dorpje Khulo zelf maar ongeveer 1000. De huizen buiten de dorpen staan verspreid in een bergachtige landschap, verbonden door smalle, half verharde wegen. De mensen zijn voornamelijk islamitisch. De mensen zijn gedeeltelijk zelfvoorzienend, maar hebben ook de beschikking over moderne bouwmaterialen en communicatiemiddelen.

Verbazend genoeg was er internet via WiFi beschikbaar. Zonder er zelfs om hoeven te vragen werd de “p’aroli” (het wachtwoord) voor ons ingesteld. De ontvangst van 4G (LTE) internet was ook prima. We luisterden online naar radio Adjara. Er werd zowel lokale als internationale muziek gedraaid.

De middagtemperatuur was nog geen 20 graden en dus een heel stuk lager dan aan de Zwarte Zee kust. De vochtigheidsgraad was met 70-75 % nog wel steeds hoog.

Dekanashvilebi, Khulo · 83 nieuwe foto's toegevoegd aan gedeeld album
Dekanashvilebi, Khulo · 83 nieuwe foto’s toegevoegd aan gedeeld album